minirecensies

De goede dood

Wel een prima voorstelling, maar had het gevoel dat er meer uit dit thema gehaald had kunnen worden, ook in een tragikomedie. Sommige rollen voegden niet heel veel toe, en sommige verhaallijntjes ook niet, en waren ook nog her en der slechts heel summier uitgewerkt, met nog steeds losse eindjes. Zelden ook zulke verschillende emoties bij het eind van een voorstelling gehad. De euthanasie zelf was echt heel mooi gedaan, in de opperste stilte. De klok die de hele voorstelling tikte, waarvan ik nog dacht, ach, die gaat straks stoppen, wat flauw, tikte door! Helemaal gelukkig dacht ik toen nog Wat een vondst! Natuurlijk, het leven gaat verder gewoon door! Toen de klok daarna alsnog stopte, als teken van de overledene dat er nog iets is na de dood, werkte dat toen dubbel teleurstellend. Dus wel een prima voorstelling, met leuke momenten, mooie momenten, maar ook wel heel flauw en er had meer uitgehaald kunnen worden. Weet niet zeker of ik vind dat het de voorstelling was die de publieksprijs had moeten krijgen.

Duncan gezien 04/09/2009

Een tragikomisch toneelstuk over euthanasie, dat kan waarschijnlijk alleen in Nederland. Wij zijn al zo ver ontwikkeld (of afgegleden, zoals katholieke landen wellicht van mening zijn) dat we op het toneel iemand euthanasie kunnen laten plegen in het bijzijn van zijn familie, dat we daar af en toe ook om kunnen lachen en dat dit plaatsvindt in het vrije circuit in een grote tournee voor volle zalen. Het publiek vindt het bovendien prachtig, want De Goede Dood is al genomineerd voor de Toneelpublieksprijs 2008. Volkomen terecht, want Wannie de Wijn (vooral bekend als acteur, maar nu debuterend als schrijver voor de grote zaal) schreef en regisseerde een evenwichtig, integer huiskamerdrama over een hondsmoeilijke kwestie met voldoende momenten voor lucht en met boeiende personages. Zoals de jongere broer van de zieke, succesvol zakenman, gespeeld door Huub Stapel, een rol met een mengeling van groffe onbehouwenheid en grote gevoeligheid, een rol Jack Nicholson waardig. Of de huisvriend en dokter, gespeeld door Peter Tuinman, die de handeling uiteindelijk moet verrichten en zich daar met veel whisky op voorbereidt. Als het eenmaal zover is, daalt er een diepe stilte neer over de spelers, en over de zaal. Hij is gestorven, zegt de dokter zakelijk, en vult zijn formulieren in. De dochter van de overledene kijkt ons even wanhopig aan. De belichting zweeft over het podium. De klok stopt met tikken. Zo is de dood. En zo is het goed. (www.richardstuivenberg.nl)

Stuif gezien 17/02/2008